Site Tools


belastingplichtige:fiscale_eenheid:beschikking

Differences

This shows you the differences between two versions of the page.

Link to this comparison view

Both sides previous revisionPrevious revision
Next revision
Previous revision
belastingplichtige:fiscale_eenheid:beschikking [2023/04/13 16:12] – [3.Jurisprudentie] avdoesumbelastingplichtige:fiscale_eenheid:beschikking [2025/07/03 17:09] (current) avdoesum
Line 8: Line 8:
  
 ====1. Aantekeningen==== ====1. Aantekeningen====
 +
 +===Overzicht betekenis fiscale eenheid===
  
   * {{ :undefined:2019_11_26_-_fiscale_eenheid_vertrouwen_en_formele_rechtskracht.pptx|Overzicht betekenis beschikking fiscale eenheid}}   * {{ :undefined:2019_11_26_-_fiscale_eenheid_vertrouwen_en_formele_rechtskracht.pptx|Overzicht betekenis beschikking fiscale eenheid}}
  
 ---- ----
-  * [[https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2022:269|Facilitesse]] \\ HR 18 februari 2022, nr. 19/03185, ECLI:NL:HR:2022:269 
  
-----+===Voorafgaande toestemming fiscale eenheid===
  
   * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/FR/TXT/HTML/?uri=CELEX:62019CJ0868&from=nl|Case C-868/19,M-GmbH tegen Finanzamt für Körperschaften Berlin, Personenvennootschappen fiscale eenheid]] \\ **64** Bovendien zij erop gewezen dat de verwijzende rechter zelf maatregelen heeft vastgesteld die minder beperkend zijn dan een dergelijke systematische uitsluiting, zoals het vereiste van een schriftelijk bewijs dat uitsluitend beperkt is tot de voorwaarden voor integratie, of het feit dat het voordeel van de btw-groep afhankelijk wordt gesteld van de voorafgaande goedkeuring van de belastingdienst. <wrap em>Wat dit laatste betreft, heeft het Hof reeds geoordeeld dat het evenredigheidsbeginsel zich er niet tegen verzet dat een lidstaat die gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om zijn belastingplichtigen het recht te verlenen voor een bepaald belastingstelsel te kiezen, een wettelijke regeling vaststelt die de toepassing van dit stelsel afhankelijk stelt van de voorafgaande toestemming van de belastingdienst</wrap> (zie in die zin arrest van het Hof van Justitie van 21 maart 2020, C-661/18, CTT - Correios de Portugal, Jurispr. blz. Een dergelijke goedkeuring en een schriftelijk bewijs van de integratievoorwaarden zouden in een eerder stadium rechtsonzekerheid voorkomen en tegelijkertijd een doeltreffende bescherming tegen misbruik garanderen.   * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/FR/TXT/HTML/?uri=CELEX:62019CJ0868&from=nl|Case C-868/19,M-GmbH tegen Finanzamt für Körperschaften Berlin, Personenvennootschappen fiscale eenheid]] \\ **64** Bovendien zij erop gewezen dat de verwijzende rechter zelf maatregelen heeft vastgesteld die minder beperkend zijn dan een dergelijke systematische uitsluiting, zoals het vereiste van een schriftelijk bewijs dat uitsluitend beperkt is tot de voorwaarden voor integratie, of het feit dat het voordeel van de btw-groep afhankelijk wordt gesteld van de voorafgaande goedkeuring van de belastingdienst. <wrap em>Wat dit laatste betreft, heeft het Hof reeds geoordeeld dat het evenredigheidsbeginsel zich er niet tegen verzet dat een lidstaat die gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om zijn belastingplichtigen het recht te verlenen voor een bepaald belastingstelsel te kiezen, een wettelijke regeling vaststelt die de toepassing van dit stelsel afhankelijk stelt van de voorafgaande toestemming van de belastingdienst</wrap> (zie in die zin arrest van het Hof van Justitie van 21 maart 2020, C-661/18, CTT - Correios de Portugal, Jurispr. blz. Een dergelijke goedkeuring en een schriftelijk bewijs van de integratievoorwaarden zouden in een eerder stadium rechtsonzekerheid voorkomen en tegelijkertijd een doeltreffende bescherming tegen misbruik garanderen.
 +  * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62021CJ0519&from=nl|HvJ 16 februari 2023, nr. C-519/21, ASA v. DGRFP Cluj, ECLI:EU:C:2023:106, V-N 2023/11.12]] \\ **85.** Uit de rechtspraak van het Hof volgt immers dat de lidstaten in het kader van hun beoordelingsmarge bepaalde beperkingen aan de toepassing van de regeling van artikel 11 van de btw-richtlijn mogen stellen, mits die stroken met de doelstellingen van deze richtlijn die erin bestaan misbruik te voorkomen en belastingfraude of -ontwijking te bestrijden, en mits het Unierecht en de algemene beginselen ervan, met name het evenredigheidsbeginsel en het beginsel van fiscale neutraliteit, worden geëerbiedigd (arrest van 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 57 en aldaar aangehaalde rechtspraak). \\ **86.** __**Aldus staat het aan de verwijzende rechter om na te gaan of het vereiste dat de leden van de btw-groep voorafgaandelijk een verzoek tot registratie indienen bij de bevoegde belastingautoriteit, waarin punt 4, lid 5, van regeringsbesluit nr. 44/2004 voorziet, noodzakelijk en geschikt is om die doelstellingen, namelijk misbruik voorkomen en belastingfraude of ‑ontwijking bestrijden, te verwezenlijken**__ (zie naar analogie arrest van 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 58 en aldaar aangehaalde rechtspraak). \\ **87.** Wat het evenredigheidsbeginsel betreft, moet worden vastgesteld dat __nationale regelgeving die vereist dat de leden van de btw-groep bij de bevoegde belastingautoriteit worden geregistreerd voordat de belastbare handelingen worden verricht__, niet verder lijkt te gaan dan noodzakelijk is om de doelstelling van artikel 11 van de btw-richtlijn, namelijk misbruik voorkomen en belastingfraude of ‑ontwijking bestrijden, te verwezenlijken. Ze biedt de belastingdienst immers de mogelijkheid om de belastingplichtige te identificeren voordat die handelingen worden verricht, __wat de belastingcontrole vergemakkelijkt__. \\ **88.** Wat het beginsel van fiscale neutraliteit betreft, dit beginsel – waarmee de Uniewetgever ter zake van de btw uitdrukking heeft gegeven aan het algemene beginsel van gelijke behandeling – verzet zich er onder meer tegen dat marktdeelnemers die dezelfde handelingen verrichten voor de heffing van de btw verschillend worden behandeld (zie in die zin arresten van 17 december 2020, WEG Tevesstraße, C‑449/19, EU:C:2020:1038, punt 48 en aldaar aangehaalde rechtspraak, en 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 65 en aldaar aangehaalde rechtspraak). \\ **89.** In casu beoogt het voorafgaande verzoek tot registratie van de betrokken btw-groep bij de bevoegde belastingautoriteit, dat krachtens de in het hoofdgeding aan de orde zijnde nationale regelgeving verplicht is, die autoriteit blijkbaar in staat te stellen een register bij te houden van de personen die inkomsten- of vennootschapsbelasting moeten betalen. Derhalve kan dit vereiste niet worden geacht strijdig te zijn met het beginsel van fiscale neutraliteit. \\ **90.** Hieruit volgt dat artikel 11 van de btw-richtlijn, ook al vormen de in punt 83 van het onderhavige arrest aangehaalde bepalingen van het nationale recht de omzetting van dat artikel en waren deze van toepassing op de partijen bij de in het hoofdgeding aan de orde zijnde samenwerkingsovereenkomst, z__ich er niet tegen verzet dat een dergelijk samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid dat niet bij de belastingautoriteit is geregistreerd voordat de betrokken handelingen werden verricht, niet het voordeel van die bepalingen kan genieten__.
  
 ---- ----
  
-  * [[https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/HTML/?uri=CELEX:62021CJ0519&from=nl|HvJ 16 februari 2023, nr. C-519/21, ASA v. DGRFP Cluj, ECLI:EU:C:2023:106, V-N 2023/11.12]] \\  +===Beschikking fiscale eenheid wel vereist bij beroep op holdingresoltutie===
- +
-**85.** Uit de rechtspraak van het Hof volgt immers dat de lidstaten in het kader van hun beoordelingsmarge bepaalde beperkingen aan de toepassing van de regeling van artikel 11 van de btw-richtlijn mogen stellen, mits die stroken met de doelstellingen van deze richtlijn die erin bestaan misbruik te voorkomen en belastingfraude of -ontwijking te bestrijden, en mits het Unierecht en de algemene beginselen ervan, met name het evenredigheidsbeginsel en het beginsel van fiscale neutraliteit, worden geëerbiedigd (arrest van 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 57 en aldaar aangehaalde rechtspraak). +
- +
-**86.** __**Aldus staat het aan de verwijzende rechter om na te gaan of het vereiste dat de leden van de btw-groep voorafgaandelijk een verzoek tot registratie indienen bij de bevoegde belastingautoriteit, waarin punt 4, lid 5, van regeringsbesluit nr. 44/2004 voorziet, noodzakelijk en geschikt is om die doelstellingen, namelijk misbruik voorkomen en belastingfraude of ‑ontwijking bestrijden, te verwezenlijken**__ (zie naar analogie arrest van 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 58 en aldaar aangehaalde rechtspraak). +
- +
-**87.** Wat het evenredigheidsbeginsel betreft, moet worden vastgesteld dat __nationale regelgeving die vereist dat de leden van de btw-groep bij de bevoegde belastingautoriteit worden geregistreerd voordat de belastbare handelingen worden verricht__, niet verder lijkt te gaan dan noodzakelijk is om de doelstelling van artikel 11 van de btw-richtlijn, namelijk misbruik voorkomen en belastingfraude of ‑ontwijking bestrijden, te verwezenlijken. Ze biedt de belastingdienst immers de mogelijkheid om de belastingplichtige te identificeren voordat die handelingen worden verricht, __wat de belastingcontrole vergemakkelijkt__. +
- +
-**88.** Wat het beginsel van fiscale neutraliteit betreft, dit beginsel – waarmee de Uniewetgever ter zake van de btw uitdrukking heeft gegeven aan het algemene beginsel van gelijke behandeling – verzet zich er onder meer tegen dat marktdeelnemers die dezelfde handelingen verrichten voor de heffing van de btw verschillend worden behandeld (zie in die zin arresten van 17 december 2020, WEG Tevesstraße, C‑449/19, EU:C:2020:1038, punt 48 en aldaar aangehaalde rechtspraak, en 15 april 2021, Finanzamt für Körperschaften Berlin, C‑868/19, niet gepubliceerd, EU:C:2021:285, punt 65 en aldaar aangehaalde rechtspraak). +
- +
-**89.** In casu beoogt het voorafgaande verzoek tot registratie van de betrokken btw-groep bij de bevoegde belastingautoriteit, dat krachtens de in het hoofdgeding aan de orde zijnde nationale regelgeving verplicht is, die autoriteit blijkbaar in staat te stellen een register bij te houden van de personen die inkomsten- of vennootschapsbelasting moeten betalen. Derhalve kan dit vereiste niet worden geacht strijdig te zijn met het beginsel van fiscale neutraliteit. +
- +
-**90.** Hieruit volgt dat artikel 11 van de btw-richtlijn, ook al vormen de in punt 83 van het onderhavige arrest aangehaalde bepalingen van het nationale recht de omzetting van dat artikel en waren deze van toepassing op de partijen bij de in het hoofdgeding aan de orde zijnde samenwerkingsovereenkomst, z__ich er niet tegen verzet dat een dergelijk samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid dat niet bij de belastingautoriteit is geregistreerd voordat de betrokken handelingen werden verricht, niet het voordeel van die bepalingen kan genieten__.+
  
 +  * Rechtbank Arnhem van 15 februari 2006, nr. AWB 05/819, ECLI:NL:RBARN:2006:AV8577 \\ Daaruit volgt dat de inspecteur (in het geval van een niet tegen vergoeding moeiende houdster) vast kan houden aan de eis van een beschikking. Aangezien de rechtbank ‘kan vasthouden’ gebruikt, is er wellicht nog wat ruimte voor de inspecteur om hier soepel mee om te gaan. Maar dan zou ik denk ik die route eerst bewandelen (zie ook volgende opmerking). \\ Citaat rechtbank: \\ “//4.10 De rechtbank is van oordeel dat de Resolutie van 1991 een buitenwettelijke mogelijkheid opent ten gunste van belastingplichtigen en derhalve een vorm van begunstigend beleid is. Zo bezien kan verweerder vasthouden aan de in de Resolutie van 1991 opgenomen voorwaarden, waaronder de eis dat een beschikking moet zijn verkregen. De Resolutie van 1991 kan derhalve niet met toepassing van het bovengenoemde arrest van HR 22 april 2005 met terugwerkende kracht worden toegepast, ook niet als zou kunnen worden aangenomen dat eiseres een sturende en beleidsbepalende functie vervulde ten dienste van de binnen het concern opererende werkmaatschappijen, zoals vereist in de Resolutie van 1991"//.
  
 ---- ----
- 
  
 ====2. Regelgeving==== ====2. Regelgeving====
Line 46: Line 36:
   * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2005:AT4477|HR 22 april 2005, nr. 38 659, ECLI:NL:HR:2005:AT4477, BNB 2005/230]] \\ Beschikking fiscale eenheid geen constitutief vereiste   * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2005:AT4477|HR 22 april 2005, nr. 38 659, ECLI:NL:HR:2005:AT4477, BNB 2005/230]] \\ Beschikking fiscale eenheid geen constitutief vereiste
   * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2006:AX7369|HR 9 juni 2006, nr. 42 426, ECLI:NL:HR:2006:AX7369, BNB 2006/313]] \\ In geval van naheffingsaanslag kunnen belastingplichtigen zich beroepen op het zijn van een fiscale eenheid, ook indien eerder een verzoek daartoe is afgewezen en deze afwijzing onherroepelijk vaststaat.   * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2006:AX7369|HR 9 juni 2006, nr. 42 426, ECLI:NL:HR:2006:AX7369, BNB 2006/313]] \\ In geval van naheffingsaanslag kunnen belastingplichtigen zich beroepen op het zijn van een fiscale eenheid, ook indien eerder een verzoek daartoe is afgewezen en deze afwijzing onherroepelijk vaststaat.
-  * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:785|HR 4 april 2014, nr. 12/02324, ECLI:NL:HR:2014:785, BNB 2015/97, V-N 2014/17.15]] \\ Alle onderdelen die in een beschikking fiscale eenheid als onderdeel van die fiscale eenheid zijn aangemerkt, kunnen tegen die beschikking bezwaar en beroep aantekenen. \\ Een inspecteur die tegemoet komt aan een bezwaar tegen een beschikking fiscale eenheid door één of meer vennootschappen niet als onderdeel van die fiscale eenheid aan te merken, kan dat doen door de beschikking aan te passen (hij hoeft geen nieuwe beschikking te nemen).+  * [[https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:785|HR 4 april 2014, nr. 12/02324, ECLI:NL:HR:2014:785, BNB 2015/97, V-N 2014/17.15, NTFR 2014/1237]] \\   * Alle onderdelen die in een beschikking fiscale eenheid als onderdeel van die fiscale eenheid zijn aangemerkt, kunnen tegen die beschikking bezwaar en beroep aantekenen. \\   * Een inspecteur die tegemoet komt aan een bezwaar tegen een beschikking fiscale eenheid door één of meer vennootschappen niet als onderdeel van die fiscale eenheid aan te merken, kan dat doen door de beschikking aan te passen (hij hoeft geen nieuwe beschikking te nemen). 
 +  * [[https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2022:269|Facilitesse]] \\ HR 18 februari 2022, nr. 19/03185, ECLI:NL:HR:2022:269
  
 ---- ----
  
 ====4. Literatuur==== ====4. Literatuur====
 +
 +  * M. van der Wulp, De beschikking fiscale eenheid als ‘Damocleservaring’, BtwBrief 2014/65
  
 ---- ----
  
belastingplichtige/fiscale_eenheid/beschikking.1681395168.txt.gz · Last modified: by avdoesum