Site Tools


aftrek:afnemer_van_de_prestatie

This is an old revision of the document!


Afnemer van de prestatie

1. Aantekeningen

1.1 Alleen afnemer heeft recht op aftrek

1.1.1 C&D Foods, para. 23

23 In dit verband dient eraan te worden herinnerd dat, zoals de advocaat-generaal heeft opgemerkt in punt 16 van haar conclusie, volgens artikel 168 van richtlijn 2006/112 het recht op aftrek veronderstelt dat de belastingplichtige de ontvanger is van de betrokken goederen of diensten.


2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

  • Newey
  • Loyalty Management

3.1 Vermoeden afnemer (i.h.k.v. verschuldigdheid?

Hof Amsterdam, 14 september 2021, nr. 19/01235, ecli:NL:GHAMS:2021:2744

5.2. Ter beantwoording van de vraag of belanghebbende afnemer is van de diensten verricht door de in 5.1 genoemde dienstverleners, moet worden onderzocht of zij rechtsbetrekkingen met hen is aangegaan ingevolge welke de diensten zijn verricht (vergelijk Hoge Raad 1 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1173, rechtsoverweging 2.3.2, en Hof van Justitie 20 juni 2013, Newey, C653/11, ECLI:EU:C:2013:409, punten 40 tot en met 46). Bij dit onderzoek is niet van doorslaggevende betekenis of zijzelf dan wel een ander in eerste instantie de opdracht tot het verrichten van de diensten heeft verstrekt. Het ligt veeleer in de rede te beoordelen of belanghebbende partij is bij rechtsbetrekkingen als hiervoor bedoeld op het moment dat de dienst wordt verricht in de zin van artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet OB 1968. Eerst dan vindt immers het belastbare feit plaats en moet (definitief) worden bepaald wie afnemer is. Dit brengt met zich dat belanghebbende, ook als de opdracht tot dienstverlening in eerste instantie is verstrekt door een ander, afnemer van de dienst kan zijn geworden door in de plaats van die ander te treden, mits dit is geschied uiterlijk op het tijdstip waarop de dienst is verricht.

5.3. Voor het bewijs van het afnemerschap is van belang dat het behoudens tegenbewijs ervoor moet worden gehouden dat degene die in een factuur wordt genoemd als degene aan wie de op die factuur omschreven dienst is verleend, de afnemer is van die dienst (vergelijk Hoge Raad 2 december 2011, ECLI:NL:HR:2011:BU6535). Het tegenbewijs kan, zoals te doen gebruikelijk bij vermoedens, worden geleverd door feiten en omstandigheden te stellen, en zo nodig aannemelijk te maken, die redelijke twijfel erover doen ontstaan of degene die wordt vermoed afnemer te zijn, dit ook daadwerkelijk is (vergelijk Hoge Raad 28 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:63, rechtsoverweging

3.5.3). Anders dan de inspecteur in wezen betoogt en de rechtbank in punt 28 van haar uitspraak in wezen heeft overwogen, is tegendeelbewijs dus niet vereist om het vermoeden omtrent de persoon van de afnemer te ontzenuwen.


4. Literatuur

  • Jeroen Bijl, VAT Deduction: The Relevance of Being ‘The Recipient’ of a Supply and the Use of the Supply, EC Tax Review 2020-5
    EC Tax Review 2020-5

aftrek/afnemer_van_de_prestatie.1634459850.txt.gz · Last modified: by avdoesum