This is an old revision of the document!
Table of Contents
Teruggaaf
1. Aantekeningen
1.1 Minimale termijn teruggaafverzoek
De minimale termijn waarop een btw-teruggaafverzoek van buitenlandse ondernemers betrekking heeft moet drie maanden zijn. De belastingdienst buitenland meent dat dit niet is gekoppeld aan het eerste, tweede, derde en vierde kwartaal van een kalenderjaar. Dus voor bijvoorbeeld een teruggaafverzoek over de maand juli is het niet noodzakelijk te wachten met indienen tot 1 oktober. Zolang op het formulier OB 68 maar staat vermeld dat het dan om de periode januari-juli gaat (of mei-juli).
1.2 Inkoopcombinatie
Bron: Elsevier BTW almanak 2004
blz. 298, nr. 18.1.1.5, Inkoopcombinaties
In contracten tussen een inkoopcombinatie en haar leveranciers is vaak bepaald dat de inkoopcombinatie de door haar leden verschuldigde bedragen voldoet aan de leveranciers. Als nu de inkoopcombinatie die bedragen niet of niet volledig van haar leden ontvangt, rijst de vraag of aan de inkoopcombinatie een teruggaaf wegens oninbare vordering kan worden verleend. Als de inkoopcombinatie als zelfstandige ihandelsschakel optreedt, hetgeen het geval is als de leveranciers de goederen aan de combinatie leveren en de combinatie de goederen verolgens aan haar leden levert, kan aan de inkoopcombinatie teruggaag wegens oninbare vorderingen worden gegeven. Als de inkoopcombinaite echter niet als zelfstandige handelsschakel optreedt- de l;everanciers leveren de gederen rechtstreeks aan de leden van de combinatie - , kan de inkoopcombinatie geen aansporaak maken op een teruggaaf weges oninbare vorderingen. Bezien vanuit de positie van de leverancier van de goederen is de vordering immers voldaan, nameijk door de inkoopcombinatie. Deze laatste treedt op als financier voor de afnemer (het lid van de inkoopcombinatie. Dit houdt tevens in dat de afnemer de afgetrokken voorbelasting noet terug hoeft te betalen (V-N 1996, blz. 4883).
2. Regelgeving
3. Jurisprudentie
- HR 15 december 2006, nr. 41 344, ???????, r.o. 3.3.1
De wettelijke bepalingen verbinden aan het recht op aftrek geen voorwaarden ten aanzien van de plaats van vestiging van de ondernemer en evenmin ten aanzien van de plaats waar de prestaties van de ondernemer worden verricht. - C‑844/19: rentevergoeding
—-
