Site Tools


formeel:bewijslast

This is an old revision of the document!


Bewijslast

1. Aantekeningen


2. Regelgeving


3. Jurisprudentie

3.1 Aannemelijk maken vs. genoegzaam aantonen vs. doen blijken

  • HR 6 september 2024, nr. 22/04034, ecli:NL:HR:2024:1135
    4.2.1 Middel 2 betoogt onder meer dat het Hof ten onrechte ervan is uitgegaan dat voor weigering van het nultarief voldoende is dat de Inspecteur aannemelijk maakt dat de belanghebbende wist of had moeten weten dat de facturen niet de juiste afnemers vermeldden. Het middel leidt uit de arresten van het Hof van Justitie van 11 november 2021, Ferimet SL, C-281/20, ECLI:EU:C:2021:910, en van 1 december 2022, Aquila Part Prod Com SA, C512/21, ECLI:EU:C:2022:950, af dat hiervoor de bewijsmaatstaf “genoegzaam aantonen“ geldt. Genoegzaam aantonen is een zwaardere vorm van bewijslevering dan aannemelijk maken, aldus het middel.
    4.2.2 In de gevallen waarin aan alle materiële voorwaarden voor toepassing van het nultarief is voldaan, wordt de belastingplichtige het nultarief alleen ontzegd wanneer op basis van objectieve gegevens vaststaat dat hij btw-fraude heeft gepleegd, dan wel wist of had moeten weten dat hij door de levering van goederen deelnam aan een handeling die onderdeel was van btw-fraude in een keten van leveringen.6 Omdat BTW-richtlijn 2006 niet voorziet in regels voor de bewijsvoering met betrekking tot deze objectieve gegevens, moeten die gegevens gelet op het beginsel van procedurele autonomie van de lidstaten door de belastingautoriteiten worden vastgesteld overeenkomstig de nationaalrechtelijke bewijsregels.7 Daarbij geldt dat deze regels moeten voldoen aan de Unierechtelijke beginselen van doeltreffendheid en gelijkwaardigheid.
    4.2.3 In het Nederlandse belastingrecht is de normale maatstaf voor bewijslevering dat feiten aannemelijk moeten worden gemaakt. Een zwaardere maatstaf kan alleen dan worden aangenomen indien duidelijk is dat de wetgever dat uitdrukkelijk heeft gewild. Uit de geschiedenis van de totstandkoming van de AWR moet worden afgeleid dat dit het geval is indien in een belastingwet de formulering “doen blijken” wordt gebruikt, hetgeen meebrengt dat in dat geval relevante feiten overtuigend moeten worden aangetoond.8 In de hier toepasselijke wettelijke voorschriften zijn geen regels opgenomen waaruit volgt dat op de inspecteur een zwaardere maatstaf van bewijslevering rust in de gevallen waarin hij zich op het standpunt stelt dat de ondernemer, gelet op de hiervoor in 4.2.2 bedoelde objectieve gegevens, het nultarief moet worden ontzegd. Het is buiten redelijke twijfel dat deze bewijsmaatstaf niet in strijd is met de Unierechtelijke beginselen van doeltreffendheid en gelijkwaardigheid. Anders dan middel 2 betoogt, rust op de Inspecteur dus voor de heffing van omzetbelasting niet een zwaardere bewijslast dan dat hij met betrekking tot het weigeren van de toepassing van het nultarief de daartoe benodigde feiten aannemelijk moet maken. Middel 2 faalt in zoverre.

4. Literatuur


formeel/bewijslast.1725723764.txt.gz · Last modified: by avdoesum · Currently locked by: 216.73.216.124,172.17.0.1